Zie ook ons reisverslag van 2005 en 2003.
Je hoeft niet zo erg ver te rijden om echte armoe te ervaren
Bosnië 2007

Tijdens het humanitaire transport van vorig jaar is een begin gemaakt om niet alleen goederen te brengen, maar mensen die in bizarre omstandigheden leven gericht te gaan helpen.
We hebben een begin gemaakt om huizen op te knappen, zelfs een douchegebouw plaatsen was geen probleem.
Daar hebben we heel veel van geleerd, dus een waslijst met “verbeterpunten” maar met het echte gevoel daadwerkelijk een paar gezinnen geholpen te hebben, en die mensen een klein beetje een menswaardig bestaan gegeven te hebben.
Om bovengenoemde “waslijst” serieus aan te pakken ben ik, met Rijna Troost, een medewerkster van een van de eerste Bosnië reizen, naar Bosnië afgereisd om ter plaatse mensen te bezoeken.

De heenreis liep voorspoedig, s’avonds bereikte we de Sloveense grens.
De volgende dag vroeg op pad want we willen in Kroatië nog enkele hotels bezoeken voor betere overnachting van het konvooi in het najaar. In de namiddag passeren we de grens in Bosnië.Als je het land binnen komt rijden valt de vooruitgang op, langs de hoofdweg verrijzen moderne tankstations en hotels. In de provinciestad Tuzla is alles te koop maar de economie gaat langzaam achteruit. Vorig jaar was de leegstand van winkelpanden minder dan op dit moment
Op het platteland wordt de landbouw meer opgepakt en zie je mensen akkers bewerken. Toch is de werkeloosheid erg groot en de toekomst erg zorgelijk. Veel gezinnen moeten rondkomen van € 60,-, niet per dag maar per maand !. Daardoor is er voor de eerste levensbehoeften gewoon geen geld.
Water is een luxe en zeker geen vanzelfsprekendheid.
Met onze contactpersoon Rasim Lemezovic, die daar de allerarmste mensen probeert te helpen hebben we in de bergdorpen mensen bezocht en de problemen geïnventariseerd.
We gaan naar het dorp ZUKICI: Vrouw met 4 kinderen.
Het eerste adres was een weduwe met vier jonge kinderen, haar man is in november 2006 overleden. De vrouw is, misschien daardoor ? geestelijk minder toerekeningsvatbaar, Ze verloor niet alleen haar man maar ook hun inkomen. Ze kan niet in haar eerste levensbehoeften voorzien, waardoor ook de toekomst voor de kinderen uitzichtloos is.
Haar huis is voor Bosnië begrippen redelijk, er zat zelfs een eenvoudige badkamer in, alleen is er geen watervoorziening. Ze heeft geen geld om op de waterleiding van het dorp aangesloten te worden en mag soms een emmertje water bij de buren halen.
In huis is het een en al armoe. In de ruimte die keuken moet heten staat een houtkachel met een lekkende schoorsteen waardoor de ruimte onder de rook staat. En is geen keukenblok en een oude bank is het enigste meubelstuk.
De woning stinkt en is vies. Het is bij Moslims gebruikelijk op de schoenen uit te doen als je een woning betreedt, maar het lijkt ons beter dat hier niet te doen.

Op enkele oude matrassen slapen de kleine kinderen, en de vrouw gebruikt de doorgezakte bank als slaapplaats. De kamer ernaast is een hok waarin alles voor hun wat misschien enige waarde heeft, ingegooid is bij gebrek aan kasten of andere meubels. Binnendeuren ontbreken, er hangt een oud gordijn in de ingang. Hier is behoefte aan alles, het minste van wat wij hier in Nederland weggooien zou daar al een verlichting betekenen.
Er is dus heel veel te doen in dit gezin, maar de bizarre afweging die we moeten maken is de vraag wat het resultaat op wat langere termijn is, en of we de inspanningen niet beter aan gezinnen kunnen besteden aan gezinnen met meer perspectief.
Ik wil hier geen valse hoop wekken en doe geen toezeggingen aan hun. Toch hebben we geïnventariseerd en het huis opgemeten. We nemen afscheid en rijden zonder veel te zeggen naar beneden.

We komen een jonge vrouw tegen die zittend op haar hurken een baby wiegt. Haar kind is ernstig ziek en moet naar Tuzla naar het ziekenhuis voor behandeling. Dat kost echter 10 euro en die heeft ze niet. Rasim spreekt met haar en geeft haar wat geld, ze moet zelf vervoer regelen, hopelijk komt ze op tijd. Dit is geen uitzondering verteld Rasim en rijd verder. Hij is praat weinig en neuriet een triest melodietje. Ook hij kan niet meer doen dan de mogelijkheden toelaten.
KALESIJA: Weeskinderen.
Ons volgende adres is een nieuw huis dat voor twee weeskinderen gebouwd wordt. Het wordt casco opgeleverd en de inrichting moeten ze zelf doen. Ze zijn 16 en 17 jaar oud en gaan naar school toe. Familie probeert te helpen maar het bekende probleem, er is geen geld.
Als ze 18 jaar zijn mogen ze er permanent blijven wonen. Hier zit toekomst in denken we. We stellen voor de kale ruimte wat de badkamer moet worden, in te richten en in de keuken een keukenblok te plaatsen. Ook willen we meubels en huisraad meenemen voor de eerste levensbehoeften. Een ambtenaar van de gemeente Kalesija is aanwezig en is enthousiast over onze voorstellen.
We gaan terug naar het centrum van Kalesija en slaan bij de loods van Rasim linksaf de bergen in. Als we een grote rokende vuilnisbelt passeren zien we mensen zoeken naar bruikbare spullen. Dit zijn Roma’s, zigeuners die zoals overal in deze landen volledig aan hun lot overgelaten worden. Ze wonen vaak in vieze krottenwijken aan de rand van de stad of worden nog verder weggestopt.
JELOVO-BRO: Jong gezin
We rijden het dorpje JELOVO-BRDO binnen en slaan bij de moskee een kleine straat in. Een humanitaire organisatie “de Baanderij” uit Gouda heeft het financieel mogelijk gemaakt om een gezin alle materialen voor het bouwen van een huis te geven. Rasim begeleid en controleert de voortgang, en rapporteert aan de directeur van “de Baanderij” W. Pronk.

De hele familie is actief om het huis te bouwen voor een jong gezinnetje met twee kleine kinderen. De muren staan tot en met de eerste verdieping op hoogte. De man heeft geen vast werk maar probeert overal te werken om zo wat inkomen te genereren. We filmen het huis en nemen foto’s van de binnenzijde. We willen het inrichten van de badkamer op ons nemen en meten de maten op. Ook willen we de woonkamer gaan inrichten met meubels, vloerbedekking en verlichting.
KRTOVA: Voorbeeldgezin
Ons volgende gezin woont een uurtje rijden ten westen van Tuzla. Het plaatje heet KRTOVA . Er woont een Servisch gezin met 3 kinderen waarvan de oudste naar school gaan. De man heeft los/vast werk en heeft een (Hollandse) koe en een paar varkens die in een nette schuur staan. Buiten verbouwen ze wat groente en aardappels. Er is geen slaapkamer in het huis, wat er overigens keurig netjes uitziet. Het echtpaar slaapt in de huiskamer op de bank die daardoor redelijk aan het stukgaan is. In de keuken die keurig schoon is, staat een slap keukenblokje. Dit is een echtpaar waarvan we verwachten dat alles wat we investeren op de juiste plaats terecht komt, en dat geeft toch een goed gevoel.

We denken van een ruimte boven een slaapkamer voor de kinderen te kunnen maken. Dat betekent een buitenraam, buitendeur en een binnendeur plaatsen, dan is het winddicht. S’winters vriest het er vaak boven de 20 graden. Verder moet er afgetimmerd worden en de kamer moeten we inrichten met bedden en wat kasten. De muren moeten gestukadoord worden dat is lastig voor ons, want wij kunnen in oktober niet wachten tot de cement droog is. We laten een plaatselijke stukadoor dit in de zomer doen. Dit wordt betaald door iemand uit Valburg die voordat we gingen nog een envelop met geld bij ons bracht. Bedankt hiervoor.

De volgende dag vroeg op want een lange rit naar Srebrenica wacht op ons. Onderweg zien we steeds meer vernielde en uitgebrande woningen en gebouwen. Die zijn van mensen de gevlucht zijn of er niet meer zijn Nadat we Srebrenica achter ons gelaten hebben gaat de weg steil omhoog de bergen in. We zien prachtige vergezichten voorbij glijden.
PODRAVNO Twee boeren
We bezoeken twee boeren, Milenko en Mile Jovanovic die afgelopen jaren door stichting Mensen Werken Voor Mensen geholpen zijn met schapen en koeien. Ze werken met hun vrouwen hard op hun boerderijtjes. Een zoon, die door een ongeluk een arm kwijt is geraakt, leeft met zijn vrouw op zolder zonder kozijnen en deuren. De raamgaten zijn met plastic dichtgemaakt, nou ja dicht? We willen in twee ruimtes deuren en ramen gaan plaatsen en plafonds gaan aftimmeren. Als we dan wat meubels mee kunnen nemen moet het toch mogelijk zijn er een leefbare ruimte van te maken.
Bij Mile aangekomen lopen we naar boven toe. Het kozijn op hun slaapkamer bestaat uit 4 panlatjes met een doorzichtig plastic zeiltje, je mag dan van frisse lucht houden maar dit lijkt me een beetje overdreven. Als we rondkijken blijkt er op de bovenverdieping geen enkel echt kozijn te zitten. Op de overloop kijk je via het plafond wat er niet is, door de dakpannen naar buiten. In de winter ligt de bovenverdieping vol met stuifsneeuw. De uitdaging is om dit huis regen en winddicht te krijgen.
Dat arme mensen gastvrij zijn merkten we toen we buiten kwamen. De vrouwen hadden een maaltijd gemaakt van streekgerechten die voor ons onbekend waren maar ons goed smaakten. Ook konden we niet om een glaasje sligowits heen, een pruimendrank van een procentje of 30 Alcohol. Rasim die vond dat je op een been zeker niet kon lopen, en maakte ons tot de BOB, wat wij ook wel verstandig vonden.

4X4
De omgeving nodigt erg uit tot het maken van off road ritten, en ja, omdat ik daar toch wel een “beetje”een zwak voor heb moest ik regelmatig het onrustige gevoel bestrijden om “effe” een zandpad te nemen. Eerlijkshalve moet ik wel toegeven dat het rijden met een 4x4 voor dit doel ons een bijzonder gevoel geeft. Nu merk je dat je de stoere 4x4 ook voor heel zinvolle zaken kunt gebruiken.
Als we Srebrenica inrijden zie we dat de grote winkel in het centrum weer herbouwd wordt. Ook de uitgebrande bioscoop wordt weer opgeknapt. Verder blijft het een troosteloze plaats, en vragen we ons af waar die 60 miljoen euro gebleven is die door vele landen gedoneerd is.
POTOCARI:
We bezoeken in Potocari de begraafplaats. Hier worden geïdentificeerde lichamen, gevonden in massagraven begraven. De lijst met namen wordt alsmaar groter. Veel massagraven zijn bekend, maar om politieke onrust te voorkomen wordt het openen en opgraven over een langere tijd uitgesmeerd. We voelen ons ongemakkelijk als we langs een paar treurende vrouwen lopen.
ROMA: Zigeuners
Een totaal (bewust) vergeten groep mensen, doorgaans met kinderrijke gezinnen die met handel en sloop van oude metalen, losvast werk of met bedelen wat probeert te verdienen. Ze leven in vieze stinkende krotten zonder de noodzakelijkste voorzieningen. Een vrouw is binnen een stapel versnellingsbakken aan het slopen. De kinderen lopen er doorheen. Een jonge vrouw die ons vorig jaar geholpen heeft herkend ons en roept; ”Harry Harry”, de naam van een van de medereizigers van 2006.

Een van deze bewoonsters helpt Rasim regelmatig met hand en spandiensten. In hun woning aangekomen, (een veel te mooi woord voor hun krot), blijkt dat ze in een ruimte leven met 13 personen. Er is geen enkele vorm van wasgelegenheid. Hun toegangpad is vies en modderig omdat daar ook het afvalwater overheen loopt. Ondanks het feit dat we van vorig jaar geleerd hebben, geen complete wasgelegenheden meer aan te bouwen, zitten we te denken of we deze mensen toch op een hele simpele manier kunnen helpen. Terug gekomen in ons hotel zijn we blij als we kunnen douchen en de stank en de viezigheid weg te kunnen spoelen.
EEN VRIJE DAG:
De volgende dag is voor ons zelf. We besluiten een huis op te zoeken om nog wat op te meten. Daarna willen we de adressen bezoeken die we vorig jaar geholpen hebben. De “boer met de 5 kinderen”was niet thuis, het zag er buiten wel beter uit dan vorig jaar.

De “blinde man” met zijn zieke vrouw opgezocht. Hun dochter Hurica kwam aanrijden en was aangenaam verrast om ons te zien. Hun huis is vorig jaar, nadat wij geweest waren, verder door een Duitse organisatie opgeknapt. Daarom is de aanbouw die we geplaatst hebben verplaatst naar de voorkant van het huis. Dit is ook met mij overlegd. Ons doel, een wasgelegenheid voor haar ouders is niet uit de verf gekomen. Dit is een van onze “verbeterpunten” zoals in het begin beschreven. We maken hierover afspraken met Hurica en komen daar in oktober op terug. Ook nu blijkt het belang van deze reis, we willen weten of alles op de goede plek terecht komt. De door ons geschonken keuken is geplaatst en functioneert uitstekend. Daarna rijden we naar Zvornik, langs de Drina om bij Nova Selo rechtsaf te gaan. Het leek ons leuk, nou ja spannend om via onverharde bergwegen naar Tuzla te gaan.

Nou, het was een geweldige middag, via kaart en kompas door de bergen te rijden door onbekende dorpen en gehuchten en nagestaard door lokale inwoners een Hollandse auto vol 4x4 reclame. Wat gaan er dan weinig uren in een dag !, vooral die steengroeve einde info !!
AMBULANCE:
Een van de vaste “Bosnië medereiziger” Cisca Bos, belde omdat er misschien een goede ambulance vrij kwam bij het rode kruis in Den Haag. Of daar in Bosnië misschien behoefte aan zou zijn. Nou die is er zeker wel!. Rasim heeft voor de volgende dag een afspraak gemaakt met de burgemeester van Srebrenic, een plaats van 50.000 inwoners tussen Tuzla en de grensplaats Orasje. Tijdens de oorlog zijn er 12.000 vluchtelingen bijgekomen en die zijn daar ook gebleven.
Bij het gemeentehuis aangekomen werden we verwelkomd door de ambtenaren en in de spreekkamer gezet. Na de kennismaking werd het met de minuut drukker en drukker in die kamer, mensen van de gemeente, het rode kruis, de brandweer, de schrijvende pers en zelf een cameraploeg van TV Bosnië was aanwezig.

Het plaatselijk rode kruis probeert iedereen zo goed mogelijk te helpen maar heeft onvoldoende middelen. Ze hebben een oude VW bus ingericht als ambulance. De inrichting bestaat uit een brancard en twee stoelen. Punt. Hiermee moeten patiënten naar het dicht bijzijnde ziekenhuis gebracht worden, 43 km verder. Laatst is er een ernstig ongeluk gebeurt met drie slachtoffers die naar het ziekenhuis moesten. Voordat de ambulance terug was gekomen, waren de twee achtergelaten slachtoffers overleden !.
Dit is natuurlijk een fantastische uitdaging om hier een oplossing te bieden. We zeggen toe dat we gaan kijken of we die ambulance die vrij komt, kunnen plaatsen in hun stad, alles onder voorbehoud !.
BRANDWEER;
Dan komt de commandant van de plaatselijke vrijwillige brandweer aan het woord. Ze hebben een blusvoertuig uit 1971 tot hun beschikking die in erbarmelijke staat is. Onlangs moesten ze uitrukken naar een brand. De auto ging stuk en het complete huis brandde volledig uit!. We zijn wezen kijken en schrokken toen we de auto zagen. Voor hulpverlening bij ongevallen is de auto niet uitgerust. Dit barrel moet hulp verlenen, maar is goed voor de sloop of het museum.

Het enige wat we kunnen doen is toezeggen dat we kontakten proberen te leggen met brandweer organisaties in Nederland, het moet toch mogelijk zijn om een overcomplete auto, die best wel ergens zal staan, hier naar Bosnië te krijgen.
TERUGKIJKEND;
Een vermoeiende maar zinvolle reis. Ik denk dat door de inspanning die we gedaan hebben een goed beeld te hebben van de situatie in Oost-Bosnië. Daardoor kunnen we gericht goederen, geld en materialen gaan inzamelen, en een plan maken wie en hoe we mensen gaan helpen. In ieder geval heb ik veel vrijwilligers nodig, die op alle manieren willen helpen om ons doel te verwezenlijken. Veel mensen hebben vorig jaar al aangegeven een steentje te willen bijdragen, dus daar heb ik alle vertrouwen in. Ook geld is noodzakelijk om hulp te kunnen verlenen, ons banknummer is; RABO 1057 00 304, wij zorgen dat het goed besteed wordt.
Op korte termijn wordt er een informatie bijeenkomst georganiseerd waar de “projecten” gepresenteerd worden. U krijgt bent dan van harte welkom. Kijk regelmatig op onze site bij nieuws of bij 4x4 info, buitenlandse reizen/bosnië.
Heeft u belangstelling om voor dit doel uw medewerking te willen verlenen of wilt u in het najaar met ons mee met uw 4x4 mail of bel (0488 431422) naar mij.
Met vriendelijke groet,
Hans Saris.
Zie ook ons reisverslag van 2005 en 2003.
|